Personen- en familierecht - Recht op familieleven tijdens kraamverlof? EHRM 18 januari 2018, Hallier e.a. vs. Frankrijk

21 juni 2018

Op 18 januari 2018 heeft het Europese Hof voor de Rechten van de Mens een uitspraak gedaan in een zaak die door mevrouw Hallier en haar partner mevrouw Lucas tegen Frankrijk was aangespannen betreffende de weigering aan mevrouw Lucas betaald vaderschapsverlof te geven (EHRM 18 januari 2018, ECLI:CE:ECHR:2017:1212DEC004638610, Hallier e.a. vs. Frankrijk). Het is een zaak waarin het in artikel 8 Europees Verdrag van de Rechten van de Mens neergelegde recht op familie- en privéleven en het arbeidsrecht samenkomen. 

De feiten waren als volgt. Mevrouw Hallier en mevrouw Lucas vormen al jaren een stel en hebben een geregistreerd partnerschap. Nadat mevrouw Hallier is bevallen van een zoon, heeft mevrouw Lucas verzocht om betaald vaderschapsverlof. Het verantwoordelijke bestuursorgaan wees dit verzoek af en dit besluit hield bij de verschillende gerechtelijke instanties stand.

In Nederland worden de termen kraamverlof, ouderschapsverlof, vaderschapsverlof en zwangerschapsverlof vaak - ten onrechte - door elkaar gebruikt. In Nederland krijgt de partner van de vrouw die een kind baart, laat ik haar de moeder noemen, twee dagen betaald kraamverlof (in dit artikel wordt uitgegaan dat sprake is van geboorte van één kind, niet van een meerling). Als partner wordt aangemerkt degene die met de moeder is getrouwd, een geregistreerd partnerschap heeft of ongehuwd met haar samenwoont maar het kind erkent. Het kraamverlof geldt zodoende zowel voor de mannelijke als voor de vrouwelijke partner van de moeder. De term vaderschapsverlof is dan ook te beperkt. Naast kraamverlof kan de partner ook drie dagen ouderschapsverlof opnemen. Het ouderschapsverlof is onbetaald, tenzij in de van toepassing zijnde cao andere afspraken zijn opgenomen. In tegenstelling tot de zojuist genoemde verloven, geldt zwangerschapsverlof alleen voor de moeder, dus voor de vrouw uit wie het kind geboren wordt. 

Er wordt in Nederland al jaren gelobbyd voor uitbreiding van het kraamverlof. Zoals het er nu naar uitziet wordt het kraamverlof met ingang van 1 januari 2019 uitgebreid naar vijf dagen met loondoorbetaling.

Terug naar de uitspraak van het Europese Hof. Mevrouw Hallier en mevrouw Lucas dienden een klacht in bij het Europese Hof vanwege de weigering om aan mevrouw Lucas vaderschapsverlof toe te kennen na de geboorte van hun zoon. Daarbij werd een beroep gedaan op artikel 14 EVRM (verbod van discriminatie), op grond van geslacht en seksuele geaardheid, in combinatie met artikel 8 (recht op familie- en privéleven). Het Hof oordeelde dat mevrouw Lucas zich in een vergelijkbare positie bevond als een biologische vader in een heteroseksuele relatie. Aangezien zij niet in aanmerking kwam voor vaderschapsverlof werd zij ongelijk behandeld. Desondanks oordeelde het Hof dat dit onderscheid een objectief en gerechtvaardigd doel treft en de betreffende maatregel proportioneel is. Het vaderschapsverlof was mede bedacht om een meer gelijke verdeling van huishoudelijke taken tussen mannen en vrouwen te bewerkstelligen. Bovendien, zo oordeelde het Hof, komt een partner van de moeder niet zijnde de vader ook niet voor vaderschapsverlof in aanmerking, zodat het verschil in behandeling niet gebaseerd is op geslacht of seksuele geaardheid. Het Hof concludeerde dat geen sprake was van schending van artikel 14 en 8 EVRM. Het klaagschrift van mevrouw Hallier en mevrouw Lucas was overigens al bijna acht jaar eerder, op 13 augustus 2010, bij het Europese Hof ingediend. Vanwege een wetswijziging van 2012 heeft een partner van de moeder in Frankrijk nu wel recht op dergelijk verlof, ook als hij of zij niet de biologische ouder van het kind is. 

Voor meer informatie over dit onderwerp kunt u contact opnemen met Maartje Wierstra: wierstra@salval.com.