Actueel

Cassatie - Enkelvoudige mondelinge behandeling en meervoudige beslissing

27 februari 2018

Enkelvoudige mondelinge behandeling en meervoudige beslissing

In het Nederlandse procesrecht geldt de regel dat een rechterlijke beslissing die mede wordt genomen op de grondslag van een voorafgaande mondelinge behandeling behoudens bijzondere omstandigheden, behoort te worden gegeven door de rechter(s) ten overstaan van wie die mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden. In de uitspraken van de Hoge Raad in ECLI:NL:HR:2014:3076 en ECLI:NL:HR:2016:662 is door de Hoge Raad aangegeven hoe te handelen in geval van rechterswisseling na een mondelinge behandeling.

Kort geleden is in cassatie de vraag voorgelegd met een klacht of mondelinge behandeling in hoger beroep door één raadsheer wel door de beugel kon als de beslissing vervolgens door de meervoudige kamer werd genomen. In beslissingen van 22 december 2017 (ECLI:NL:HR:2017:3259 en ECLI:NL:HR:2017:3264) heeft de Hoge Raad beslist dat op zichzelf enkelvoudig behandelen en vervolgens meervoudige beslissing mogelijk is maar dat de hoofdregel is dat zaken die door een meervoudige kamer worden beslist ook door de meervoudige kamer worden behandeld, omdat dat een goede rechtsverdeling bevordert. De hoofdregel geldt in ieder geval als de mondelinge behandeling mede tot doel heeft dat de rechter partijen (en belanghebbenden) in de gelegenheid stelt hun stellingen toe te lichten. Dat is vrijwel altijd het geval bij de mondelinge behandeling in een verzoekschriftprocedure. De Hoge Raad heeft beslist dat het op zichzelf in dat soort zaken - waarbij de mondelinge behandeling mede tot doel heeft dat de rechter partijen in de gelegenheid stelt hun stellingen toe te lichten -  mogelijk is dat de mondelinge behandeling plaatsvindt ten overstaan van één rechter (terwijl meervoudig wordt beslist), maar dat dan bij de oproeping van partijen voor de mondelinge behandeling aan hen moet worden meegedeeld dat de mondelinge behandeling zal worden gehouden ten overstaan van één rechter en dat partijen in de gelegenheid moeten worden gesteld om eventueel desgeraden te verzoeken dat de mondelinge behandeling zal worden gehouden ten overstaan van de meervoudige kamer die de beslissing zal nemen. Een dergelijk verzoek zal in de regel moeten worden ingewilligd, en kan slechts worden afgewezen op zwaarwegende gronden.

Dit stelsel heeft onmiddellijke werking, en geldt dus voor lopende procedures. Die regel geldt voor mondelinge behandeling in verzoekschriftprocedures en onder meer in de dagvaardingsprocedures (onder KEI de vorderingsprocedure) voor de comparitie na antwoord in eerste aanleg en de pleidooien in eerste aanleg en in hoger beroep. Die regel geldt niet voor andersoortige mondelinge behandelingen, die ook een ander doel hebben, zoals de schikkings- en inlichtingencomparitie na een tussenuitspraak en in hoger beroep de comparitie na aanbrengen. In de toekomst vallen andere mondelinge behandelingen na inwerkingtreding van de KEI-wetgeving onder artikel 30 o lid 1 aanhef en onder c Rv.

Voor meer informatie over dit onderwerp kunt u contact opnemen met Pieter Kamminga: p.s.kamminga@salval.com